Wat verandert er in de tussenkomst voor de vervoerskosten vanaf 1 februari 2026?
Vanaf 1 februari 2026 heeft de NMBS haar tarieven met 2,6% verhoogd.
Wat is hiervan het gevolg voor onze sector, zowel voor arbeiders als bedienden?
Openbaar vervoer
In geval van gebruik van het openbaar vervoer is er sprake van een verandering. De sociale partners kwamen eerder overeen om de tabel met forfaitaire bedragen tussen 2025 en 2029 jaarlijks te verhogen. Hoewel de werkgeversbijdrage niet gekoppeld is aan de reële treinprijzen, wordt de tussenkomst vanaf 1 februari 2026 bepaald op basis van de nieuwe, aangepaste tabel uit cao 19/9 van de Nationale Arbeidsraad (NAR).
De nieuwe tabel vind je in bijlage 1 van het document ‘Woon‑werkverkeer vanaf 1 februari 2026’.
Privé-vervoer (auto)
Voor het privé-vervoer (auto) is er ook een verhoging van de tussenkomst door de werkgever vanaf 1 februari 2026.
Deze tussenkomst wordt berekend op basis van de reële treinprijzen. Je vindt de nieuwe tabel van de NMBS-prijstreinkaarten vanaf 1 februari 2026 in bijlage 2 van het document ‘Woon-werkverkeer vanaf 1 februari 2026’.
Fiets
De fietsvergoeding is verplicht in onze sector sinds 1 september 2019 en bedroeg sinds 1 januari 2022 0,12 euro per kilometer.
Deze is sinds 2024 verbonden aan NAR-cao 164 en onderhevig aan indexatie.
Op 1 januari 2026 is de verplichte sectorale fietsvergoeding verhoogd (dankzij indexering) tot 0,30 euro per kilometer.